06-01-09

Boedapest

Buda en Pest worden gescheiden door de Donau en dat die 'wondermooi' kan zijn merk je in de Donauknie: een bocht tussen prachtige bergen. Een dagje weg uit de stadsdrukte om te genieten van een boottocht op die Donau zal je tot rust brengen. Je kan ook met de trein, bus of auto langs de Donau naar de burcht Viségrad van waaruit je een mooi panorama hebt over de Donauknie. Vergeet ook niet de stadjes Szentendre en Esztergom te bezoeken.

boedapest

In het hart van Hongarije ligt Boedapest, een stad met 1.8 miljoen inwoners. Deze grote stad wordt door de Donau in tweeën gedeeld: aan de ene kant ligt het heuvelachtige Boeda en aan de andere kant het vlakke Pest. Wanneer je op de Citadella staat of je over de kettingbrug wandelt, kun je van het unieke panorama van de stad genieten. Het panorama van de Donau oevers is door de UNESCO op haar werelderfgoedlijst geplaatst.

Aan de rechterkant van de rivier light het heuvelachtige Boeda met de Burchtwijk en het Koninklijk Paleis. In het midden van de donau en centraal in Boedapest ligt het Margaretha eiland, in het Hongaars Margitsziget. Het Margitsziget eiland kan men van zowel de Boeda als de Pest kant bereiken. Bij het oversteken van de Donau vanuit Boeda, komt u in het stadsdeel Pest. Het parlementsgebouw, de Vaci Utca (de Kalverstraat van Boedapest) en onder andere vliegveld Ferihegy zijn gelegen aan de Pest zijde.

Boeda

Het Koninklijke Paleis bevindt zich op de Burchtheuvel in Boeda, dit Paleis werd oorspronkelijk in de 14 eeuw gebouwd en 400 jaar later werd het in barokstijl verbouwd. In dit imposante gebouw bevinden zich de drukst bezochte musea en kunstgalerijen van Boedapest.
De beroemdste katholieke Matthiaskerk (Mátyás-templom) is vanwege haar uitstekende ligging bepalend voor de aanblik van het Burchtgebied. Dit is de plaats waar koningen wrden gekroond en koninlijke bruiloften werden gehouden. In 1896 is de kerk met medewerking van beroemde kunstenaars op neo-gotische wijze verbouwd.
Vanuit het Vissersbastion heeft u een prachtig uitzicht over de stad. Het Vissersbastion is aan het begin van de negentiende eeuw gebouwd naast de Matthiaskerk.

Vissersbastion

Pest

Het centrum van het politieke, zakelijke en financiële leven is aan de Pest zijde van Boedapest. Bij het oversteken van de Donau valt het kolosale Parlementsgebouw op. Dit gebouw is tussen 1885 en 1902 gebouwd en is het grootste en meest gedoceerde gebouw in Hongarije.
Achter het parlement ligt de St. Stefanusbasiliek de grootste kerk van Boedapest, de kerk is gebouwd in neo-renaissance-stijl. In de kerk ligt, de al duizend jaar intact gebleven hand van Stefanus, de eerste koning van Hongarije.
Het gebouw van de Hongaarse Staats Opera is zeker ook een bezoek waard, dit gebouw is in neo-Renaissance stijl gebouwd in 1884. Het gebouw heeft een imposante exterieur met beelden van wereldberoemde componisten zoals Mozart, Tchajkovsky, Beethoven en anderen.

Heldenplein

Een ander belangrijk kenmerk van Boedapest is het Heldenplein dat aan de ingang van het Stadsbos ligt. Het Heldenplein/Millenium Monument is ontstaan in 1896 ter viering van het duizendjarig bestaan van Hongarije. Op het Heldenplein is op een 36 meter hoge zuil de aartsengel Gabriël te zien die de Heilige Kroon omhoog houdt.
Ook is de Hongaarse hoofd winkelstraat, de Vaci Utca (straat), een bezoek waard, in deze straat en de omliggende straten bieden de top winkels van Boedapest.


Margaretha eiland

Margareta

In het midden van de Donau, tussen Boeda en Pest, ligt het voor auto’s gesloten Margaretha eiland. Het eiland is 2 km lang en strekt zich uit tussen de Margitbrug en de Árpád brug. Het eiland staat onder andere bekend om het warme thermaalwater. Tevens zijn er twee zwembaden: in het beroemde Hajós Alfréd zwembad worden er sportwedstrijden (onder andere waterpolo) gehouden en voor in de zomer kunnen bezoekers het openluchtzwembad Palatinus bezoeken.

07:00 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

05-01-09

Hongarije

hongarije

Hongarije is een republiek in Midden-Europa, ligt midden in het Donau-bekken en wordt omringd door de Karpaten. Hongarije is gemiddeld 530 kilometer lang, 270 kilometer breed en de totale oppervlakte bedraagt 93.032 km2. Daarmee is Hongarije ruim twee maal zo groot als Nederland.

Hongarije is helemaal omringd door andere landen en heeft dus geen kustlijn. Hongarije grenst in het noorden aan Slowakije, in het noordoosten aan Oekraïne, in het oosten aan Roemenië, in het zuiden aan Servië en in het westen aan Kroatië en Slovenië.

Natuurlijke grenzen worden gevormd door vier rivieren: de Donau en de Ipoly in het noorden, de Drava en de Mura in het zuiden.

Donau

Hongarije bestaat grotendeels uit een laagvlakte, het zogenaamde Pannonische Bekken, dat te verdelen is in de Nagy Alföld (Grote Laagvlakte) ten oosten van de Donau, Dunántúl (Transdanubië) ten westen van de Donau en de Kis Alföld (Kleine Laagvlakte) in het noordwesten van Hongarije. Het landschap wordt doorkruist door een lange heuvelrug, die van het zuidwesten loopt via het Bakony-woud, het Vértes-, Börzsöny- en Mátra- en Bükkgebergte naar de Zemplénheuvels in het noordoosten.

 De Nagy Alföld of Grote Laagvlakte wordt begrensd door de Donau en de noordelijke massieven en bedekt meer dan de helft van het land. Het hoogste punt ligt in het noordoosten bij Debrecen. Het laagste punt ligt in het zuiden bij Szeged.

Van het noorden naar het zuiden wordt de vlakte doorsneden door de tweede rivier van Hongarije, de Tisza. De Nagy Alföld was in vroegere tijden één uitgestrekte steppe of “poesta”, zandige heidevelden met vele moerassen en zoutpannen. Daar zijn nu nog maar twee gebieden van over: het Nationaal Park Hortobágy (80.000 ha) en het Nationaal Park van Bugac (16.000 ha). Hortobágy bevat de meest uitgestrekte poesta van Midden-Europa.

 Door de grootscheepse regulering van de Donau en de Tisza is het landschap van de Nagy Alföld ingrijpend veranderd. Vanwege de economische behoeften en de agrarische ontwikkeling zijn grote delen van het gebied ontgonnen.

Het zuiden van de Nagy Alföld wordt ook wel de “boomgaard” van Hongarije genoemd. Het is een van de vruchtbaarste streken van Hongarije met oa lössgrond waarop veel graangewassen verbouwd worden.

 Dunántúl of Transdanubië strekt zich uit vanaf de uitlopers van de Alpen tot aan de Donau, en wordt gekenmerkt door vele laagvlaktes en heuvels. Midden in dit gebied ligt het Balatonmeer, de grootste ‘binnenzee’ van Europa. Ten noorden van het Balatonmeer liggen opeenvolgende gebergten: het Pilis-Gerecse massief, het Vértes-massief en de Bakony-heuvels. De Felföld of Noordelijk Middelgebergte bestaat uit kleine beboste berggroepen die door diepe dalen van elkaar gescheiden worden. De hoogste top, en tevens hoogste berg van Hongarije, ligt op 1014 meter: de Kékes-teto.

Balatonmeer

De zuidoever van het Balatonmeer is minder steil met enkele kunstmatige stranden. In het zuidoosten ligt het moerasgebied Kis-Balaton met veel rietvelden. De stad Pécs ligt tegen het karstmassief van Mecsek aan en door deze beschutte ligging heeft de stad een zeer prettig klimaat.

 De Kis Alföld of Kleine Laagvlakte ligt ten noordwesten van de Bakony-heuvels is een waterrijk gebied. Het wordt doorsneden door de Rába en enkele kleinere rivieren die ter hoogste van de stad Györ uitkomen in een arm van de Donau. De Donau wijzigt hier haar loop enkele malen waardoor er twee grote eilanden ontstaan zijn met op Hongaars grondgebied de eilanden Szentendrei-sziget en Csepel-sziget. Verder is dit een afwisselend gebied met kreken, vennen, dode rivierarmen en grindbanken.

Ten westen van de Kis Alföld ligt een groot, gedeeltelijk al drooggelegd moerasgebied. Eén van de moerasmeren is het op de grens met Oostenrijk liggende Ferto-meer waar van de 322 km2 maar 23 km2 tot Hongarije behoort.

De Kis Alföld is een van de groenste gebieden van Hongarije met veelal kleine boerenbedrijven die het landschap nog niet zo aangetast hebben als op de Nagy Alföld gebeurd is.

De belangrijkste rivieren voor Hongarije zijn de Donau en de sterk meanderende Tisza die respectievelijk 410 en 600 km over Hongaars grondgebied stromen. De Tisza, die in de Roemeens-Oekraïense grensstreek ontspringt, heeft in het verleden talloze overstromingen veroorzaakt. Na de bouw van een stuw in de Tisza in de jaren vijftig wordt een deel van het water door het 98 km lange Keleti-fócsatorna van deze rivier afgetapt voor irrigatiedoeleinden.

In het zuidoosten van het land is alleen artesisch water aanwezig, waarbij ondergrondse wateraders worden aangeboord om het water naar boven te krijgen.

De meren van Hongarije zijn zeer ondiep: het Balatonmeer of Platten See (596 km2) gemiddeld 3 tot 4 meter, het Velencemeer (Velencei-tó, 26 km2) 1 tot 2 meter. Het Ferto-meer waarvan maar een klein gedeelte op Hongaars gebied, is meer een moeras; het water bevat alkalische zouten. Tussen de duinen van de Nagy Alföld bevinden zich eveneens vele zouthoudende meertjes.

Na de hoofdstad Boedapest is het Balatonmeer, de “Hongaarse zee”, de grootste toeristische trekpleister van Hongarije. Het meer, gelegen in het hart van Transdanubië, is ontstaan in het Tertiair. Ca. 22.000 jaar geleden kreeg het meer zijn huidige vorm. Het meer wordt gevoed met water van veel bergriviertjes en door één grotere rivier, de Zala.

Het Balatonmeer heeft een oppervlakte van 596 km2 en is daarmee het grootste meer van Midden- en West-Europa. Alleen in Zweden en Rusland liggen nog grotere meren. Het meer is 77 kilometer lang en gemiddeld 8 km breed. De diepte varieert van enkele meters tot een geul van 12 meter diepte ter hoogte van de Tihany. Door deze geringe diepte warmt het water ’s zomers vrij snel op en bevriest het ’s winters vrij snel.

Het meer heeft geen natuurlijke afwatering meer sinds het riviertje Sío is gekanaliseerd. De afwatering gebeurt nu door een sluis bij de plaats Siófok die het waterpeil op 104 meter boven zeeniveau handhaaft. In de zuidwesthoek van het meer ligt het afgesloten Kis-Balaton, een natuurreservaat dichtbegroeid met riet.

kis-balaton

Aan de oevers van het Balatonmeer liggen alleen wat kleine dorpen, van stedenvorming is nooit sprake geweest. De wat grotere plaatsen zijn Siófok (22.000 inw.), de officieuze hoofdstad van het Balaton-district, Keszthely (22.000 inw.) en Balatonfüred (14.000 inw.). De toeristencentra liggen aan de zuidkant van het meer omdat het water daar warmer (’s zomers ca. 25°C) is en de stranden breder. De zuidelijke oever loopt ook zachter af; men kan 600 meter het water ingaan voordat men geen grond meer onder de voeten voelt. De noordelijke oever is veel steiler en onregelmatiger, maar qua natuurschoon aantrekkelijker om te zien. In totaal telt het Balatonmeer ca. 130 stranden.

In vijf nationale parken, Aggtelek-Jósvafo, Bükk, Boedapest, de Balaton Hooglanden en Zuid-Transdanubië, zijn grotten opengesteld voor publiek. In totaal telt Hongarije ca. 3000 beschermde grotten, waarvan 26 met een lengte van meer dan één kilometer. De grootste grotten zijn de Baradia-grot bij Aggtalek met een lengte van 17 kilometer (8 kilometer in Slowakije) en de Pál volgyi grot in Boedapest onder de wijk Rószadomb met een lengte van 11 kilometer.

Grotten

Boedapest is de enige hoofdstad met meer dan 30 kilometer aan grotten. Daarvan zijn er negen opengesteld voor publiek en vijf voor speleologen.

Het moet ongeveer zo'n 8 jaar geleden zijn dat we naar Hongarije geweest zijn en ook al zijn we nog niet teruggeweest, al zijn we het wel van plan. Hongarije is een prachtig land voor zowel wandelaars als mensen die in cultuur geïnteresseerd zijn. Budapest is één van de mooiste hoofdsteden die ik ooit gezien heb, maar ook het kleine pittoreske Szentendre is een aanrader. Het eten in Hongarije is eenvoudig en misschien zelfs eentonig (paprika en zure room zit in elk gerecht), maar wel lekker. De Hongaren zijn over het algemeen vriendelijke mensen, maar de meesten spreken alleen Hongaars wat de communicatie niet altijd gemakkelijk maakt. Maar met wat moeite lukt het wel, af en toe vind je een Hongaar die wat Frans, Engels of Duits spreekt.

07:00 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

28-08-07

Amsterdam

De geschiedenis van Amsterdam begint kort na 1200.  Toen werd dit moerassige gebied stukje bij beetje ontgonnen.  De legende vertelt ons dat twee Friese vissers de stad hebben gesticht nadat ze waren aangemeerd aan de oevers van de Amstel.  De eerste bewijzen van Amsterdam dateren uit 1275.  De stad dankt haar naam aan de dam die in 1270 werd gebouwd om de monding van de Amstel van de zuiderzee te scheiden.  In 1300 kreeg de Amsterdam haar stadsrechten, en in 1369 werd het lid van de Hanzesteden. 

In 1567 wordt Amsterdam bezet door de Spanjaarden onder leiding van de hertog van Alva.  In 1578 wordt de stad ingenomen door het leger van Willem van Oranje.

De stad heeft een grote bloeiperiode gekend dankzij de problemen in Antwerpen in de 16de eeuw.  Deze stad werd immers geplunderd en de rijke kooplui zochten hun heil in Amsterdam.  Ze verplaatsten hun activiteiten naar Amsterdam en en vanaf de 17de eeuw werd het de belangrijkste handelsstad ter wereld.  Vandaar dat je nu zowel diamantindustrie in Antwerpen als in de Nederlandse hoofdstad vindt.  Hieraan kwam pas echt een einde door het verliezen van de zeeoolog met Engeland tussen 1780 en 1784.

In 1806 wordt Amsterdam door de Franse bezetters de hoofdstad van Nederland gemaakt. 

Herschaalde kopie van Grachten 1

In de 19de eeuw leefde het economische leven er weer op door het bouwen van kanalen die een directe verbinding met de Noordzee mogelijk maakten.  Tijdens de tweede wereldoorlog werd Amsterdam bezet door de Duitsers.

De grootste attractie in Amsterdam zijn natuurlijk de grachten.  De vier hoofdgrachten zijn de Prinsengracht, de Herengracht, de Keizersgracht en heet singel.  ’s Avonds zijn de grachtenhuizen en bruggen mooi verlicht wat een aparte sfeer aan de stad geeft.

Herschaalde kopie van Madame Tussaud 1

Maar Amsterdam heeft veel meer te bieden dan alleen maar grachten, het Koninklijk Paleis, Madame Tussauds en het Museum van Anne Frank zijn slechts enkele van de bezienswaardigheden. 

Herschaalde kopie van Gandhi en de dalai lama

De Dam is het centrum van de stad dat in de jaren ’60 (de flower power periode) gesymboliseerd werd door de beruchte damslapers, een groepje hippies die kampeerden op Dam plein.  In het midden van het plein staat het Nationaal Monument, opgedragen aan de Nederlandse soldaten en leden van het verzet dat in de tweede wereldoorlog zijn omgekomen. 

Ook de Jordaan is een bezoekje waard, de buurt is ontstaan uit bouwvallige arbeidershuisjes.  Ook kunstenaars vestigden zich hier door de goedkope behuizing.  Rembrandt’s atelier was aan de bloemengracht en hijzelf woonde destijds op de Rozengracht.

Herschaalde kopie van Vuurspuwer

Een dagje naar Amsterdam is makkelijk haalbaar, Maar om nog maar een klein deel van alle bezienswaardigheden mee te nemen zijn toch wel enkele dagen nodig.  De stad bruist van het leven, dus verveling is ondenkbaar.

12:16 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (3) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

28-02-07

Domein Lippensgoed-Bulskampveld te Beernem

Van de eerstijds uitgestrekte wouden van Bulskamp en Beverhout blijven nog steeds 450 ha naald- en loofbomen over, waarvan de helft, in de 19de eeuw door de familie Lippens aangeplant, opgenomen werd in het provinciaal domein Lippensgoed-Bulskampveld. Wegwijzers leiden naar het domein en naar het kasteel in het centrum.

kruidentuin

De mooiste wandeling heet Bos- en heidewandeling en is ongeveer 7 km (duur: ca 2 uur) lang. Volg de oranje verfstrepen aan het kasteel langs de kant van de erker. Na de open plek rond het kasteel komt men op het pad dat door het hele domein loopt. Het landschap dat men er te zien krijgt is voornamelijk bos (naaldbomen, beuken, kastanjes, eiken en notelaars), maar ook bosjes rododendrons, prachtige varens, heide en een paar open plekjes.

Lippensgoed-Bulskampveld

In een zo kalm en rustgevend gebied zal deze wandeling iedere liefhebber van natuurschoon aanspreken.

 

De toegang is het hele jaar door vrij.

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

21-02-07

Normandië

Normandië ligt vlakbij, het is nog geen dag rijden. Het is de ideale bestemming voor een korte vakantie, maar aangezien er voldoende te zien is kan je er gerust een langere vakantie doorbrengen.  De Normandische kust met zijn zandstranden en hoge rotsen zal voor altijd verbonden blijven met de landing van de geallieerden, maar ook tal van bezienswaardigheden herinneren je aan WOII.

Vondsten bewijzen dat Normandië al bewoond was in de steen- en bronstijd. In 56 v.C. trokken troepen van Julius Caesar deze streek binnen. De Keltische stammen die er toen woonden onderwierpen zich en namen de taal en de cultuur van de Romeinen over. Rondom de Romeinse nederzettingen ontstonden steden zoals Rouen, Lisieux, Lillebonne, Bayeux en Evreux.

De naam Normandië is afkomstig van na het tijdperk van het West-Romeinse Rijk, toen dit ten val kwam vielen Germanen de streek binnen en kerstende Clovis al de Normandiërs. In 820 n.C. vielen de Noormannen deze streek binnen, de Frankische koning sloot een vredesverdrag met de aanvoerder van de Noormannen, Rollo. Rollo liet zich kerstenen en werd Robert I. Omdat hij zijn stroop- en zwerftochten beu was en liever ergens anders vast verbleef  werd hij leenheer van de Franse koning. Hij noemde zijn regio naar de Noormannen, vandaar de naam Normandië.

Dan kwam de rumoerige tijd van Willem de Veroveraar. In 1066 was hij hertog van Normandië. Hij eiste zijn rechten op als wettige erfgenaam van de Engelse troon en viel Engeland binnen in Hastings. Hij werd koning van Engeland en was machtiger dan de Franse koning, doch verwaarloosde hij Normandië niet. Hij liet er kerken en abdijen bouwen. Na de dood van Willem de Veroveraar kwam er een hevige strijd tussen Frankrijk en Engeland en in 1214 werd het gebied terug Frans, in 1415 terug Engels tot 1450 en van dan af bleef het Frans. Maar Normandië komt vooral in onze geschiedenis voor als de plaats van de invasie op 6 juni 1944.

Normandië bestaat uit 5 departementen: Eure, Orne, Calvados, La Manche en Seine-Maritime.

 

Eure:

In Giverny heeft de impressionistische schilder Claude Monet van 1883 tot aan zijn dood gewoond. Zijn huis met tuin werd door de familie aan de Fondation Claude-Monet geschonken en beide zijn te bezoeken van april tot oktober. Wanneer je speciaal voor de waterlelies komt dan zijn juli en augustus de beste maanden. Behalve de tuin van Monet valt in dit mooie dorpje aan de Seine niet veel te beleven.

Tuin Monet

Vernon is wellicht één van de meest romantische stadjes langs de Seine. Het oude stadsgedeelte van Vernon is een museum op zich, bij zo’n wandeling kom je de mooiste gebouwen tegen en wandel je door de mooiste straten. Om het best te genieten van de oude stad en zijn omgeving kan je best even langs het toerismekantoor om een kaart te halen.

Les Andelys is een mooi stadje aan de Seine dat op één lijn ligt met Giverny en Vernon, je kan de 3 stadjes dus makkelijk op 1 dag bezoeken. Boven op de rotsen bevindt zich een oude burcht waarvoor toch wel wat klimwerk nodig is om het te bezichtigen. Château Gaillard werd gebouwd de op Engelsen op het eind van de 12de eeuw om de Fransen tegen te houden op hun weg nar Rouen. Maar dat is niet gelukt, de burcht werd vrij snel ingenomen door de Fransen en enkele weken later was Rouen terug Frans grondgebied. Nu blijft er alleen nog een ruïne over en moet je je verbeelding al erg laten spreken om hier een kasteel in te herkennen, maar het uitzicht over de Seine is zo mooi dat het zeker de klim waard is.

 

Orne:

Alençon is de hoofdstad van dit departement en is vooral beroemd omwille van zijn kantwerk dat gemaakt werd  in opdracht van Lodewijk XIV. Er zijn twee musea te vinden over kantwerk. Het stadje telt 30.000 inwoners en heeft een historisch en gezellig centrum waar groen centraal staat.

Bagnoles-de-L’Orne is een piepklein dorpje omgeven door prachtig natuurgebied. Het telt nog geen 1.000 inwoners, maar het staat wel op de kaart dankzij zijn kuuroord.

 

Calvados:

Caen

Caen is een unieke stad met veel groenzones dat bij de landing in 1944 veel te lijden heeft gehad. Het werd pas 1 maand later, op 9 juli 1944 door de Canadezen bevrijd. Meerdere wijken waren vernield en het stadje kreeg de bijnaam ‘het aambeeld van de overwinning’. Omdat er heel wat moest worden heropgebouwd kon men veel aandacht besteden aan groen. Caen werd zo’n 1000 jaar geleden opgericht door Willem de Veroveraar. Voor een bezoek aan deze stad moet je een dag uittrekken. Centraal ligt het kasteel waarin 2 musea zijn ondergebracht. Op dezelfde as liggen 2 abdijen: Abbaye-aux-Hommes en Abbaye-aux-Dames die Willem de Veroveraar als zoenoffer aan de Paus liet bouwen omdat hij het huwelijk met zijn nicht Mathilde niet herkende. De meest indrukwekkende is de Abbaye-aux-Hommes waar Willem de Veroveraar begraven ligt, Mathilde haar graftombe vind je in Abbaye-aux-Dames. In de kloostergebouwen zelf zijn de officiële diensten van stad en departement ondergebracht. In het Museum Mémorial de Bataille de Normandie herleeft de periode van WOII op een bijzondere manier.

Bayeux is een provinciestadje met kleine en gezellige winkels. In tegenstelling tot Caen is Bayeux bespaard gebleven van het oorlogsgeweld, de geallieerden hebben het zonder slag of stoot onmiddellijk na de bevrijding ingenomen. De grootste bezienswaardigheden zijn de kathedraal en de tapisserie van Mathilde.

In Honfleur hangt een speciale sfeer door de haven in combinatie met de smalle straatjes en de mooie vakwerkhuizen. Honfleur is vandaag niet alleen een plezierhaven, maar ook een kleine vissershaven. Zet bij een bezoek aan de stad zeker St-Catharinekerk op je programma. De kerk werd gebouwd in de 15de en 16de eeuw en is volledig in hout opgetrokken, hoewel niemand weet waarom, want in die tijd werden alle keren in steen gebouwd. Waarschijnlijk was deze constructie tijdelijk beschouwd en was er geen geld voor een stenen kerk aangezien de omwalling van de stad dringend moest worden hersteld na de schermutselingen van de 100-jarige oorlog. Zoek je iets extravagants? Bezoek dan Maison Satie, een modern ‘museum’ waar je van de ene verrassing in de andere valt. Kunstenaar Satie goochelt hier met muziek-, beeld- en lichteffecten.

Honfleur is gemakkelijk bereikbaar via de Pont de Normandië, deze hoge hangbrug is de langste over de Seine en kan tegen windstoten van meer dan 400 km/uur. Bovendien is het wegdek ijsvrij en mag er zelfs een oceaanreus tegen varen, het gebruik van deze brug is evenwel niet gratis.

Honfleur1

 

Le Havre is een grote en dichtbevolkte havenstad en één van de grootste in Frankrijk en voor andere Europese havensteden een beduchte concurrent. De stad werd bijna volledig plat gebombardeerd tijdens de landing, en het gedeelte waar je als toerist de meeste voldoening zal aan beleven is de moderne stad. De architect Perret heeft na WOII zijn stempel op het stadaanzicht gedrukt, waarin overzicht, ruimte en eenvoud bepalend waren. Hier is ook het Musée des Beaux-Arts gelegen. Er is en grote keuze aan winkels, hotels en eetgelegenheden in alle prijsklassen.

 

La Manche:

De Mont-Saint-Michel was vroeger geen rotsberg in de zee, voor het jaar 709 was het een heuvel in de bossen. In de maand maart van dat jaar kwam er een grote zondvloed die tot 30 km landinwaarts alles had vernietigd, alleen de rotsberg was blijven staan. Althans volgens de legende.

Tot op de dag van vandaag trekt de heuvel nog steeds massa’s toeristen aan. Boven op de abdij staat de aartsengel Michaël, op 152 meter boven de zeespiegel.

De ‘Grand rue’ is de enige straat op de heuvel en is zeer smal en volgebouwd met huisjes uit de 15de en de 16de eeuw die nu allemaal winkeltjes zijn.

MontSaintMichel

Het was in Avranches dat de aartsengel Michaël verscheen aan bisschop Aubert en hem vroeg om een kapel te bouwen op de top van de Mont-Saint-Michel. Op de plaats waar de vroegere kathedraal stond krijg je nu een prachtig uitzicht op de baai van Mont-Saint-Michel. Ook vanuit de botanische tuin (Jardin des Plantes) kan je genieten van dit mooie panorama. Avranches was ook de stad waar de landing een definitieve start kreeg. Generaal Patton vertrok hier als een pletwals met zijn pantserdivisie richting Bastogne. Je kan een monument van hem terugvinden op het plein dat naar hem werd genoemd.

Granville is een uniek mooi kuststadje langs de Normandische kust, het ligt op een uitstekende rots met prachtige vergezichten. Je ziet er ook de Mont-Saint-Michel en daarom hebben de Engelsen het gebruikt als aanvalsbasis. Enkele uren moet je toch voorzien om te wandelen langs de rotskust en op de vestigingen.

 

Seine-Maritime:

Rouen is en stad aan de Seine met ca 400.000 inwoners. Het is vooral een handels- en industriestad, maar bij de toeristen is Rouen vooral bekend voor zijn historische kern en zijn verbondenheid met Jeanne d’Arc. Op de Place du Vieux Marché werd ze door de Engelsen ter dood veroordeeld en stierf ze op de brandstapel. Naast de mooie vakwerkhuizen is er ook de Jeanne d’Arckerk, gebouwd in 1979. Een groot kruis geeft de plaats aan waar ze werd verbrand.

De Kathedraal Notre-Dame is één van de belangrijkste bezienswaardigheden van deze stad. De bouw werd gestart in de 12de eeuw en verliep over verschillende eeuwen. Het is zelfs mogelijk de evoluties van de gotiek in deze kerk te volgen. De blikvangers zijn vooral de glasramen en de uitzonderlijke grafmonumenten. Naast de kathedraal ligt de rue St-Romain, één van de mooiste straatjes van Rouen omwille van de vakwerkhuisjes die tot 500 jaar oud zijn.

Kathedraal Notre dame

Fécamp is een belangrijke vissershaven en een zeer druk bezocht badplaatsje met keitjesstrand. Het strand is ongeveer 800 meter lang en bestaat uit keien, maar bij eb komt er een grote strook zand vrij. Vanuit Fécamp heb je een prachtig uitzicht over de zee.

Fécamp is een gezellig stadje waar vooral de oude abdijkerk, La Trinité, een bezoek waard is. En vergeet ook niet van het beroemde drankje ‘Bénédictine’ te proeven. Het prachtige gebouw waar deze digestieve drank met zijn 28 aromatische kruiden gebrouwen wordt is voor publiek toegankelijk.

Op het stadswapen van Etretat staat te lezen: ‘Mijn poorten staan altijd open’. Met die poorten bedoelen ze de rotspoorten die er zijn langs de wondermooie Falaisekust van deze stad. De krijtrotsen werden door de zee mooi gebeeldhouwd in de loop der eeuwen. Op sommige plaatsen heeft de zee de zeer zwakke plaatsen aan de zijkant aangevallen en daardoor heeft de natuur deze poorten geconstrueerd. Om deze poorten te zien moet je naar het centrum rijden, daar is een parking aan het strand van waaruit heb je een prachtig beeld op deze wonderen van de natuur.

Etretat

 

Voor mensen die geïnteresseerd zijn in WOII en dan vooral de landing in Normandië heeft de streek veel te bieden, maar ook mensen die op zoek zijn naar rust, natuur, lekker eten en gezellige dorpjes kunnen hier terecht.

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

15-02-07

De Waddeneilanden

Waddenelanden2

Tussen Den Helder en het Deense Esbjerg strekt zich een natuurgebied uit dat  zijn gelijke in de wereld niet kent. De Waddenzee bruist van het leven. Twee keer per dag voert de vloedstroom slib- en planktonrijk water uit de Noordzee aan, waarvan een groot deel op de zandplaatsen bezinkt. Het ondiepe water van de Waddenzee wordt in de zomer snel opgewarmd. Algen en wieren krijgen daardoor de kans snel te groeien. Zij vormen de basis van de enorme voedselrijkdom waaraan de bewoners van de Waddenzee, talloos veel vissen, vogels en zeehonden, zich tegoed doen.

En net zoals de Waddenzee bruisen de vijf eilanden (Texel, Vlieland, Terschelling, Ameland en Schiermonnikoog) van het leven. Niet alleen de natuur leeft er volop, er is ook levendigheid in de cultuur, sport en gezellige terrasjes. Op de eilanden vindt u rust en ruimte, strand en duinen, een prachtige bloemen- en dierenwereld en kilometers vergezichten over de Noord- en Waddenzee. Maar daarnaast hebben de 5 eilanden elk hun bijzonderheden en bezienswaardigheden.

 Texel

De naam van het eiland Texel wordt uitgesproken als ‘Tessel’. Texel is het grootste Waddeneiland, heeft ook de meeste mogelijkheden en is beroemd om zijn enorme aantallen schapen en vogels. Texel wordt ook wel het schapeneiland genoemd. In de gezellige dorpen vindt u voldoende vertier, ook als de zon het laat afweten hoewel de kans nog zo groot niet is, de Waddeneilanden tellen meer zonuren dan het Nederlandse vasteland. De afwisseling in landschappen is op Texel zo groot dat het ‘Nederland in het klein’ genoemd wordt. Vanwege hun bijzondere waarde zijn de duinen van Texel uitgeroepen tot Nationaal Park. De Slurfter is een unieke duinvallei waar het water van de Noordzee bij vloed onbekommerd naar binnen stroomt. Zoutminnende planten groeien en bloeien er volop. De 15 meter hoge berg is een uniek overblijfsel vanuit de ijstijd. De Texelaars hebben eeuwen geleden tuinwallen aangelegd om hun land te begrenzen, nu zijn het veelkleurige linten in het landschap door de bloemen die erop bloeien. Texel telt verschillende musea en op vele plaatsen kunt u de geschiedenis van de Gouden Eeuw beleven. Ten tijde van de zeereizen naar de Oost ankerden de VOC-schepen op de rede van Texel om hier water en proviand in te slaan en een goede wind af te wachten. Naast toerisme, akkerbouw en veeteelt is de visserij een belangrijke inkomstenbron voor Texel. Ook voor sportievelingen heeft Texel heel wat te bieden: van wandelen en fietsen tot paardrijden, zeekanovaren of parachutespringen. Bent u gek op lekker eten, geniet dan van de Texelse specialiteiten: lamsvlees, koek, vis, bier, kruidenbitters of schapenkaas. Voor famile en vrienden kan u een typisch Texelse schapenmelkzeepproduct meebrengen.

 Vlieland

Van alle Waddeneilanden ligt Vlieland het verst van het vasteland verwijderd. Na een boottocht van anderhalf uur, of van 3 kwartier als u voor de snelle Koegelwieck kiest, zet u voet aan wal in het enige dorp Oost-Vlieland. In de lange door bomen beschaduwde Dorpsstraat vindt u alles wat u in de vakantie nodig hebt: gezelligheid, winkels, restaurants met knusse terrasjes en vooral vakantiesfeer. Iedereen beweegt zich op dit eiland per fiets voort, auto’s zijn voor niet-eilanders niet toegestaan. Bovendien is de fiets het ideale vervoermiddel om het eiland te verkennen, u kunt er prachtige fietstochten maken, bijvoorbeeld naar het Posthuys aan de westkant van het eiland. Hoe klein Vlieland ook is, u ziet het van 2 kanten, en waar u ook gaat wordt uw blik gevangen door het prachtige rode vuurtorentje op het Vuurboetsduin.

 Terschelling

Wie gezelligheid zoekt zit goed op Terschelling. Het hele jaar door worden er evenementen georganiseerd, waarvan theater- en straatfestival Oerol in juni en de zeil- en sloepenwedstrijd Harlingen-Terschellingrace de bekendste zijn. Ook in de jachthaven van Terschelling hangt er een gezellige maritieme sfeer. Er is plaats voor zo’n 450 schepen. Schepen zijn al lang met Terschelling verbonden, vroeger was het eiland het loodswezen en nog steeds is er de gerenommeerde zeevaartschool Willem Barentsz gevestigd. Deze school werd naar de beroemde ontdekkingsreiziger en belangrijk cartograaf Willem Barentsz, die op Terschelling geboren werd, vernoemd. Europees natuurreservaat De Boschplaat, aan het eind van de bewoonde wereld van Terschellings dorpen, is het summum van rust, ruimte en natuurschoon. Als u voldoende tijd hebt kunt u tot aan het oostpunt van het eiland lopen, een tocht met adembenemende vergezichten. Dit eiland is een internationaal bekend vogelgebied. Ten noorden van Oosterend staat een veldbiologisch station waaruit de natuurreservaten Noordsvaarder, Landerumheide en Bosplaat en het prachtige duingebied Koegelwieck in de gaten wordt gehouden en geadministreerd. In de duinpannen komt een merkwaardig flora voor, onder meer de zeer zeldzame addertong. Terschelling leeft van landbouw en veeteelt. In de beschutte duienen worden venbessen, of cranberry’s, geteeld. Zeevaart; zeesleepvaart en zeilmakerij vullen de inkomsten aan.

 Ameland

Na 3 kwartier varen over de Waddenzee bent u in een andere wereld. De prachtige stranden, bossen en duinen, de pittoreske dorpjes maar Ameland erg bijzonder. Maar Ameland heeft meer dan alleen natuur, er zijn voldoende uitgaansgelegenheden zoals restaurants, café’s, discotheken, musea, sport- en recreatiecentra zodat u zich zeker niet hoeft te vervelen. Daarnaast worden er ook het hele jaar door allerlei evenementen georganiseerd, zo vindt er 1 keer per maand een spektakel plaats dat uniek is in de wereld: 10 paarden trekken de voormalige reddingsboot naar zee, waarna 8 paarden de boot lanceren. Even buiten het dorp Hollum staat de vuurtoren van Ameland. De 59 meter hoge toren is in 1880 gebouwd op een fundament van granietblokken en bestaat geheel uit in elkaar geschroefde gietijzeren segmenten. Om boven te komen moet men 14 trappen beklimmen met 236 treden. Eenmaal boven geniet men van een prachtig uitzicht over een groot gedeelte van het westpunt van Ameland, de Waddenzee, de Boschplaat op Terschelling en de Noordzee. De vuurtoren van Ameland behoort met zijn 2000 watt sterke lamp tot één van de lichtsterkste torens van West-Europa. Tot 1980 werd de toren geheel bemand. Het bijzondere karakter van Ameland is niet te beschrijven, daarom moet je het zelf ervaren.

 Schiermonnikoog

Het strand van Schiermonnikoog, waar geen eind aan lijkt te komen, is het breedste strand van Europa, en door aanslibbing vanuit de Noordzee groeit het nog steeds. Bovendien zijn er de mooiste schelpen en zeesterren te vinden. Schiermonnikoog is het kleinste van de van de Waddeneilanden en alles staat in het teken van het buitenleven. Er is geen grootschalig vermaak, maar een paradijs voor wie van de natuur houdt. Het hele eiland is tot Nationaal Park uitgeroepen. Het eiland is autoluw, in het dorp en op de paden door de duinen en kwelders maken fietsen en bolderkarren de dienst uit.

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips, vakantie |  Facebook |

11-02-07

Museum De Dulle Griet

De Dulle Griet, een figuur uit de werken van Pieter Bruegel laat je kennis maken met drie thema's die in het verleden voor Peer belangrijk waren: vlas, was en boekweit. In het begin van de 19de eeuw bezat Peer een wasblekerij waar kaarsen gemaakt werden van bijenwas; Tijdens de rondleiding leer je hoe de was verwerkt wordt door de bijen. Het thema vlas leert je hoe de vlasplant verwerkt wordt tot draad en uiteindelijk tot linnen. Boekweit is een typisch gewas voor de arme grond in de Kempen. De Dulle Griet wandelt met je doorheen het proces van boekweitzaad, boekweitplant en boekweitkoek. De bezoeken kunnen gecombineerd worden met workshops kaarsen maken, batikken, boekweitkoek bakken enz. Gidsbegeleiding (N) mogelijk voor groepen.

 

Museum De Dulle Griet - Kloosterstraat 37 - 3990 Peer.

Kostprijs: 1.5€, voor individuele bezoekers: bepaalde periode.

Tel.: 011/61.16.02.

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

Mergelgrotten van Kanne

De befaamde mergelgrotten van Kanne, een doolhof van 300 km, ontstaan door het uithalen van mergelblokken, zijn een bezoek meer dan waard. De mergelblokken dienden al voor de 15de eeuw om kerken en burchten te bouwen. De tentoonstelling van het blokwerkersmateriaal geeft een idee van de manier waarop deze blokken werden uitgehaald. Muurschilderingen van prehistorische dieren bekleden de wanden. En terwijl teksten in Oud-Nederlands naar de streek verwijzen, doet een collectie fossielen denken aan lang vervlogen tijden. Tenslotte wordt in de ondergrondse champignonkwekerij de kweek van champignons deskundig toegelicht. Rondleiding (N, F, E, D). Prijs: volw. € 3,00 / Kind.. +12 jaar (enkel in schoolverband) € 2,00 / Kind. -12 jaar € 1,50 / Mindervaliden € 1,10

 

Mergelgrotten van Kanne - Avergat z/n - 3770 Riemst

Tel.: 012/44.03.75.

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

07-02-07

Groothertogdom Luxemburg

Luxemburg-stad is een oude vestigingsstad gebouwd bovenop een steile rots. Op de pont Adolphe en in de Chemin de la Corniche heb je een prachtig zicht op de ravijn. De Casemates du Bock kan je bezoeken en bestaat uit een stelsel van onderaardse gangen. Ze werden gebruikt om de stad te verdedigen en tijdens WOII als schuilplaats.

Luxemburg-stad is de hoofdstad van het Groothertogdom en is ook één van de drie locaties van de Europese instellingen. Eén derde van de Luxemburgse bevolking (meer dan 100.000) woont in deze stad en heeft dan ook belangrijke winkelstraten met warenhuizen en exclusieve modezaken.

 Luxemburg

Clervaux is het meest noordelijke stadje van Luxemburg en heeft nog steeds een abdij, een kasteel en een recente kerk in Romaanse stijl. Het kasteel werd tijdens WOII voor de laatste keer verwoest, nu is het gerestaureerd en ingericht als tentoonstellingsruimte voor de Slag der Ardennen in Clervaux. Je kan er ook een fototentoonstelling bezoeken en er is een expositie van maquettes van alle kastelen van het Groothertogdom.

De abdij werd gebouwd in 1910 en ligt een eindje buiten het centrum boven op een heuvel. Hert is een benediktijnerabdij van St-Maurice.  Je kan er alleen de abdij met de crypte bezoeken, maar dit is zeker een bezoek waard.  Ook de omgeving van Clervaux is gewoon prachtig.

 Clervaux

Echternach ligt aan de Sûre en vormt daar de grens met Duitsland.  Deze stad is het toeristisch hoogtepunt van Luxemburg en telt slechts 4.000 inwoners. Het is toeristisch omwille van zijn mooie ligging aan klein Zwitserland en in de vallei van de Sûre.  Ook het stadscentrum is erg mooi, het stadhuis uit de 15de eeuw vormt hier de kern. Het gebouw is nog ondersteund door 3 overgebleven onregelmatige zuilen.

Echternach telt ook veel nieuwe gebouwen omdat het totaal werd verwoest tijdens WOII. In 1950 werd de kerk terug opgebouwd zoals ze was in de 11de eeuw, ze is dan ook de belangrijkste bezienswaardigheid in Echternach.

 Echternach

Esch-sur-Sûre is een dorpje dat volledig ligt ingesloten tussen hoge rotsen en in een méander van de sûre. Dit dorpje wordt gedomineerd door een burchtruïne van meer dan 1000 jaar oud op een rots.  De ruïne werd vernietigd in 1795, de restanten kan je nu nog bezoeken.

Pas in 1850 werd een eerste tunnel gegraven in de rotsen zodanig dat men niet meer over de rotsen moet klimmen om het stadje te bereiken. Hier ligt er op de Sûre ook een stuwdam om de omgeving wat water en elektriciteit te voorzien.

Waar vroeger de lakennijverheid zo belangrijk was is nu toerisme de belangrijkste bron van inkomsten. Behalve de burchtruïne vind je er nog een kaarsenatelier en een natuurpark van de Boven Sûre.

Esch-sur-Sûre

Diekirch staat bekend om zijn bier die dezelfde naam draagt. Het is ook een toeristisch centrum met vele autovrije winkelstraten en talrijke wandelpaden langs de Sûre. Er zijn fietspaden voorzien en aangeduide parcours van 35 tot 88 km en je kan er ook kanovaren op de Sûre. De Eglise St-Laurent is een oude kerk die werd gebouwd op de restanten van een Romeinse villa. In het nationaal museum verneem je hoeveel Diekirch onder WOII te lijden heeft gehad.

Diekirch ligt juist op de grens tussen de Luxemburgse Ardennen en het vruchtbare Gutland, aan de noordkant beschermd door een bergrug. Deze ideale lokatie haaden ook de Romeinen al ingezien en bouwden hier een nederzetting met villa’s. Geregeld ontdekt men bij opgravingen Romeinse mozaïken die je kan bewonderen in het Musée principal.

Diekirch wordt ook de ezelstad genoemd, dit heeft verschillende redenen: de bewoners werden vroeger ezels genoemd omdat ze de aanleg van de spoorlijn wilden verhinderen, en omdat ze vroeger de wijngaard van Herrenberg bewerkt hebben met ezels.  Eveneens het vervoer van de druiven gebeurde met ezels.  In de rue St-Antoine hebben de inwonders een ezelsfontein opgericht.

 Diekirch

Vianden is het tweede meest bezochte stadje in het noorden van Echternach. Het telt amper 1.600 inwoners, maar zijn oude straten, mooie kasteel en schilderachtige ligging zorgen voor de massale toeloop van toeristen. Om het grootste kasteel van het groothertogdom te bezoeken moet je een flinke klim maken, maar het loont zeker de moeite. Het is pas gerestaureerd en is opengesteld voor bezoekers. Het oudste gedeelte werd bijna 1000 jaar geleden gebouwd, de meeste zalen dateren van de 13de – 17de eeuw.

Vianden heeft ook een stuwdam en je kan de ondergrondse elektriciteitscentrale op waterkracht bezoeken. Het huis van de Franse schrijver Victor Hugo is een eerder klein museum waar je een overzicht van zijn leven en werk krijgt.

Vianden

 

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

26-01-07

De Panne

Westhoek1

Met zijn 340 ha tussen De Panne en de Franse grens is het Westhoekreservaat één van de grootste duingebieden van Europa.  De ingang bereikt men via de Dynastielaan en de Schuilhavenlaan.  De residentiële verkaveling die men door moet heeft heel wat stof doen opwaaien omdat ze aan één kant het reservaat binnendringt, de muur van de flatgebouwen in het verlengde van de dijk is architecturaal alles behalve geslaagd en het bleek al evenmin bevorderlijk voor het behoud voor fauna en flora.

Vijf wandelpaden doorkruisen het gebied, aan de ingang vindt men een overzichtsplan.  Een aanbevolen wandeling van ca 5 uur, is het Konijnenpad, Grenspad en terugkeer via het strand.  De wandeling kan onderbroken worden voor een dorstlesser of een lichte maaltijd in één van de gelegenheden vlakbij de grens.  Aan de rand van het stand ligt een eerste duinenrij van 150 tot 250 m breed en ca 15 m hoog.  Er groeit overal helm en zandzegge.  Voorbij deze rij strekt zich een van 40 ha uit waarvan het niveau overeenkomt met dat van het strand en die in regenrijke periodes onder water kan komen te staan.  Hier is nog duindoorn en kruipwilg te vinden.  Verder langs de noord-zuidas ziet men een 120 ha groot duinmassief met de toepasselijke naam ‘Sahara’.  Vanop de hoogste duin (ca 120m) heeft men een mooi overzicht over het reservaat.  Langs de duingrens vindt men een gebied met zeer dichte vegetatie, de beste beschutting voor hazen, konijnen en fanzanten. 

De laatste duinenrij langs de weg van Adinkerke naar Bray-Dunes werd beplant met bomen en struweel om het oprukkende zand tegen te houden.

Op het strand vindt men allerlei schelpen: zaagjes, strandschelpen, hartmossels, mesheften, porceleinschelpen, schaalhoorntjes of puntkokkels (torentje).

Westhoek

De wandeling van het Oosthoekreservaat naar het Calmeynbos duurt ca 3 uur, je vertrekt aan het kruispunt Veurnestraat, Koksijdeweg en neemt de weg richting Veurne, voor de bocht neem je de oprit die voor het sportpaleis loopt en ca 50 m verder sla je rechts het smalle pad in.  Neem Wandelpad I dat door het natuurreservaat Oosthoek loopt en werd opengesteld in 1973.  Het ligt op een fossiel duin waarvan de vorming teruggaat tot de 8ste eeuw.  Eeuwenlang is de zee met tussenpozen de vlakte binnengedrongen en tijdens die tussenposen vormden zich duinen.  Achter de duinen wordt veen bedekt door een kleilaag.  De duinen die we dieper in het binnenland vinden zijn nog eilandjes die de invasie van de zee hebben weerstaan en de pannen zijn lagere delen waar zich klei heeft opgestapeld.

Het Wandelpad I dat aan de rechterkant opduikt leidt naar het Calmeynbos (50 ha), aan weerszijden van de weg Adinkerke-De Panne.  Het bos is het werk van de heer Calmeyn die er begin 20ste eeuw om experimentele en urbanistische redenen een rijk assortiment aan boomsoorten liet planten, een paradijs voor vogels.  Iedereen kan er terecht voor een wandeling, om een picknick te organiseren en kinderen kunnen er spelen.  Wandelpad I komt uit op de grote weg, links, richting Adinkerke vindt men na enkele honderden meters een Moeder Lambic waar men kan eten of zijn dorst kan lessen.  Rechts gaat men weer naar De Panne.

Oosthoek

 

00:15 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

24-01-07

Denemarken

Gedurende de 9de tot en met de 11de eeuw, de tijd van de Vikingen, was Denemarken een grootmacht.  De Vikingen hebben het land kennis laten maken met het christendom tot het land in 1536 luthers werd.  In de 17de eeuw hebben Denemarken en Zweden enkele keren oorlog gevoerd tot Denemarken in de oorlog van 1655-1658 de landstreek Skane definitief verloor.  Daarna bewerkstelligde de Deense liberale beweging in relatief korte tijd (19 jaar) dat Denemarken een constitutionele monarchie werd.  Na deze woelige periode beleefde het land in de eerste helft van de 19de eeuw zijn ‘gouden tijd’.  Aan het eind van de 19de eeuw legde Denemarken de grondslag voor de huidige welvaartstaat.  In WOI bleef Denemarken neutraal, in WOII probeerde het land dit eveneens, maar Duitsland schond de neutraliteit door op 9  april 1940 Denemarken binnen te vallen.  Denemarkten bleef bezet tot de geallieerden op 5 mei 1945 de Duitsers tot overgave dwongen.

Het koninkrijk Denemarken is een Scandinavisch land in Noord-Europa met Kopenhagen als hoofdstad.  Denemarken telt ongeveer 5,4 miljoen inwoners en is in vergelijking met Europa niet dichtbevolkt.  Denemarken bestaat uit het schiereiland Jutland (Jylland), 100 bewoonde eilanden en 383 onbewoonde eilanden. 

De samenstelling en vorm van de bodem zijn voornamelijk een product van de ijstijd, het landoppervlak wordt overal gevormd door stuwwallen, grondmorenen, smeltwaterruggen, spoelzandvlakten en oerstroomdalen. 

Jutland wordt in de lengte doorgesneden door de Baltische landrug, een oude eindmorenewal, die even ten zuiden van kaap Skagen eindigt en het schiereiland in een westelijk en oostelijk deel verdeelt.  Het oostelijke deel is een grondmorenelandschap en heeft een betrekkelijk vruchtbare kleileembodem.  Het is een heuvelachtig gebied met talrijke meren en vele goed bevaarbare fjorden.

Denemarken

Het westelijke deel van Jutland bestaat uit naar het westen hellende vlakten, met in het noorden thans grotendeels ontgonnen hoogveenmoerassen en in het westen een laag kleigebied met polders en een waddenkust en meer naar het noorden toe een haffenkust met duinen.

Denemarken heeft een zeeklimaat met overheersend westelijke wind, het klimaat wordt sterk bepaald door de Noordzee.  Door de geringe oppervlakte en omdat het land vrijwel aan alle zijden door zee is omgeven zijn de klimaatverschillen zeer gering, in de zomer is het koel en in de winter is het nooit echt koud.  De gemiddelde jaartemperatuur bedraagt 7,3°C, in de winter is het er zeer vochtig en de zomers zijn gekenmerkt door veel zonneschijn.  In strenge winters vriest het gedeelte van het Kattegat voor korte tijd dicht. 

Hoewel Denemarken ooit een dichtbegroeid land moet zijn geweest, bestaat nu nog maar 11% van het landoppervlak uit bos.  Het land is van nature begroeid met loofbomen, vooral beuken, met name op de eilanden en Oost-Jutland, in Jutland zelf zijn ze grotendeels gerooid.  De onvruchtbare zandgronden van het westelijke deel van Jutland vormen natuurlijke heidegebieden, daarnaast ontstonden heidevelden op plaatsen waar eiken- en berkenbossen werden gerooid.

De Denen hebben een grote voorliefde voor archeologie, op de Hjerl Hede en bij Lerje zijn complete prehistorische nederzettingen nagebouwd.  In Roskilde ligt een scheepstimmerwerf waar de Vikingschepen worden nagebouwd.  Ook opvallen is de liefde voor het geschreven woord, zo vindt men in Denemarken opvallen veel bibliotheken en literaire café’s.

In Denemarken is genoeg te zien en te beleven, het is onbegonnen werk alle bezienswaardigheden van Denemarken op te noemen, iedereen zal er zijn gading vinden.  In Kopenhagen vind je het wereldberoemde zeemeerminbeeld aan, gebaseerd op een sprookje van HC Andersen, en je vindt er het beroemde Tivolipretpark.  Door zijn kleinschaligheid straalt het een bijzondere en gemoedelijke sfeer uit.  Bij het Rosenborg slot vind je een museum over de Deense koninklijke geschiedenis en de kroonjuwelen.

Zeemeermin

In Roskilde vind je een speciaal museum voor Vikingschepen en de koninklijke begraafplaats.  Roskilde was ooit de hoofdstad en kreeg hierdoor een kathedraal waarin nog steeds alle leden van de koninklijke familie begraven worden.

Als vogelliefhebber moet je zeker een bezoekje brengen aan het vogelreservaat op Møn.

Tijdens je bezoek aan Denemarken mag je zeker het wereldberoemde legoland in Jutland niet overslaan.

Maar ook wie een strandvakantie wil is in Denemarken aan het goede adres.  Waar je ook bent, je zit nooit verder dan 55 kilometer van het strand.  Bornholm heeft een rotsachtige kust met alleen in het zuiden wat ruimte om te zonnebaden.  Ook de strook van oostelijk Sjaelland heeft slechts hele smalle stranden.  Er is echter weinig vertier te vinden aan het strand en de kuststroken zijn nauwelijks bewoond. 

De Denen zijn een vrij sportief volkje, en zo is Denemarken ideaal voor een fietsvakantie: vlak en licht looiend, rustige landwegen en een uitstekende bewegwijzering.  Maar je vindt er ook meer dan 200 gemarkeerde wandelroutes zodat ook wandelaars er aan hun trekken komen.

Ook voor de sportvisser is Denemarken een paradijs.  Procentueel gezien heeft Langeland de beste vangsten van heel Denemarken.  Langeland is een lang land van 11 km breed en 60 km lang met vele goede plaatsen in open water, maar ook aan de kant waar nog vissen als bot, schar en schol te vangen zijn. 

Eigenlijk biedt Denemarken voor elk wat wils, ideaal voor iedereen die op zoek is naar rust, een actieve vakantie, cultuur of een combinatie van deze drie, maar houd er wel rekening mee dat Denemarken niet echt goedkoop is.  Vooral luxeprodukten zoals (alcohol, chocolade,...) vallen vrij duur uit.

 

07:36 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

17-01-07

Zwarte Woud

zwarte woud1

Op nauwelijks enkele uren rijden van Brussel ligt het Zwarte Woud, het is een dichtbebost gebied in het zuidwesten van Duitsland, gelegen in de deelstaat Baden-Württenberg aan de Rijn en aan de Franse grens.  Het Duitse middengebergte dat bekend staat als het Zwarte Woud beslaat een gebied van ongeveer 120 km lang en 60 km breed.  Dit grote gebied biedt een enorme waaier aan vrijetijdsbestedingen.  De afwisselende landschappen van het Zwarte Woud bieden zowel rustzoekers als de actieve toerist vele mogelijkheden.  De donkere bossen verbergen vele wandel- en fietspaden.  Daarnaast heeft het gebied tal van andere toeristische aspecten zoals historische stadjes, rustige dorpjes, een prachtige natuur met schitterende bossen en klaterende beekjes.  Wandelen en fietsen (moutainbike) zijn de twee belangrijkste vrijetijdsbestedingen.  Wandelaars kunnen hebben de keuze tussen maar liefst 30.000 km goed onderhouden en bewegwijzerde wandelwegen.  Ook voor moutainbikerijders is het Zwarte Woud ‘the place to be’, er wacht hen een aangesloten netwerk van 3.500 moutainbike trajecten.

Door het hele Zwarte Woud vindt men wegwijzers zoals de Schwarzwaldhochstraβe in het noorden en de Duitse klokkenroute in het midden.  Deze laatste voert oa langs Triberg, met de hoogste waterval van Duitsland, en Schonach met de grootste koekoeksklok ter wereld.

In het zuiden liggen de hoogste toppen van het Zwarte Woud: de Feldberg (1493 meter) en de Belchen. 

Herschaalde kopie van waterval

Tijdens de zomer zijn er talrijke feesten en evenementen zoals een avondlijke vlooienmarkt, een folkloreavond, bierfeesten, een jazzbrunch, een rijtuigentornooi,… Wie pas na de zomervakantie naar het Zwarte Woud gaat kan aanschuiven op de talloze wijnfeesten, vaak proef je lekkere wijnen die nergens anders te koop zijn omdat ze ter plaatse verkocht en gedronken worden.  Er zijn interessante wijngebieden die een zeer grote diversiteit aan wijnen produceren.  Belangrijke wijngebieden zijn: de regio Ortenau (ten zuiden van Baden-Baden), Breisgau (tussen Lahr en Freiburg) en Kaisersstuhl (tussen Freiburg en de Rijnvallei). 

Maar ook op gastronomisch gebied kom je niets tekort in het Zwarte Woud, wat kan je anders verwachten als je kan kiezen tussen forel uit klaterende beekjes, wild uit eigen regio, de lokale ham, Zwiebelkuchen, soep met reepjes pannenkoek, kersentaart of ijs met frambozen.  Deze en andere traditionele gerechten vind je in chique restaurants zowel als in gemoedelijke gasthoven en in familiehotels.

Wie een dichtbij een rustige of actieve vakantie wil beleven zal in het Zwarte Woud niet bedrogen uitkomen.

 

06:28 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: vakantie |  Facebook |

Hulst

Hust een stadje in de Nederlands provincie Zeeland en is één van de best bewaarde vestigingssteden in Nederland.  De eeuwenoude monumenten, wallen en bezienswaardigheden maken van hulst één groot openluchtmuseum.  Hulst profileert zich als de meest Vlaamse stad van Zeeland en vooral de bourgondische levensstijl van de stad trekt veel Belgische toeristen.  Het oorspronkelijke dialect van Hulst en omstreken wijkt af van de overige Zeeuwse dialecten. 

In 1648 maakte Hulst met de rest van Zeeuws-Vlaanderen integraal deel uit van het Graafschap Vlaanderen en was het een dochterstad van Gent.

Herschaalde kopie van Stadhuis

Het stadhuis aan de grote markt is in de periode van 1528-1534 opgetrokken op de grondvesten van de in 1485 door brand vernietigde gotische ‘Halle’.  Het historische stadhuis herbergt fraaie kunstvoorwerpen die een bezichtiging zeker waard zijn.  In de raadzaal van het stadhuis hangt het schilderij van Cornelis de Vos ‘Gezicht op Hulst’ uit 1628 en in de trouwzaal vindt men ‘De gerechtigheid’ van Jacob Jordaens.  Tijdens de openingsuren van het stadhuis kunt u, nadat u zich bij de receptie gemeld hebt, het stadhuis bezoeken. 

Eveneens aan de Grote Markt ligt het Gouverneurshuis (nummer 24) waar thans de Rabobank gevestigd is.  In dit fraaie historische gebouwd bevindt zich een moderne bank.  Als u aan de kop van de Grote Markt linksaf gaat komt u in de Gentsestraat, de belangrijkste winkelstraat in Hulst.

Herschaalde kopie van Basiliek

De skyline van Hulst wordt beheerst door de monumentale Basiliek waarvan de toren van kilometers ver te zien is.  Het gebouw werd in de vroege jaren dertig en in 1996-1999 gerestaureerd.  In de Basiliek bevindt onder andere een fraai orgel van Frans-Vlaamse bouwkunst. 

De stadsmolen is een zeer mooie molen die al verschillende keren gerestaureerd werd.  Hij is gelegen aan het molenbolwerk en is iedere zondagmiddag te bezichtigen.

De vismarkt is één van de zes marktjes die Hulst rijk was.  Vroeger lag hier de haven. 

Herschaalde kopie van Vismarkt

Wie zich op een zondag verveelt kan een bezoekje brengen aan Hulst, het ligt vlak over de grens en alle winkels zijn er open.

06:19 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

10-01-07

Lorraine

De regio Lorraine (Lotharingen) bestaat uit de departementen Meurthe-et-Moselle, de Vogezen, de Moselle en de Meuse.  Lorraine telt 3 nationale parken die te bezoeken zijn en waar allerlei activiteiten worden georganiseerd.  Het Parc naturel Régional des Ballons des Vosges is één van de bekendste uit de regio.  De toppen van dit natuurgebied gaan tot meer dan 1400 meter en worden de ‘Ballons’ genoemd. 

 

landkaartlorraine

Meurthe-et-Moselle is een groot departement dat in het noorden aan België en Luxemburg grenst.  Het noorden wordt gekenmerkt door de vroegere staalindustrie en de mijnen, maar er zijn ook lieflijke, kleine dorpjes te bezichtigen.  Iets zuidelijker ligt het Parc de Lorraine en nog iets meer naar het zuiden ligt Toul met zijn wijngaarden en de prachtige hoofdstad Nancy.

Nancy

Het departement Meuse werd genoemd naar de rivier de Maas en is het meest westelijke departement van Lorraine.  Het landschap is licht glooiend en af en toe dicht bebost. 

Moselle ligt in het noord-westen van Lorraine en is doorspekt met herinneringen aan de voorbije oorlogen.  Hier werd in het noorden de beroemde Maginotlinie aangelegd, een verdedigingssysteem van immense bunkers gebouwd in de jaren 30.  Een onderdeel van de Maginotlinie is Fort Vermont.

Maginot

Uit een heel andere tijd komt de citadel van Bitche, één van de meesterwerken van Vauban, de persoonlijke architect van de zonnekoning Lodewijk de XIVde.  Valkbij bevindt zich het mooie Parc des Vosges du Nord, een eindeloos naaldbos en roze rotspartijen.

De Vogezen is een departement en ook de naam van een gebergte.  De hoge Vogezen ligt op de rand met de Elzas en heeft een uitzonderlijk natuurgebied: groene weilandjes, uitgestrekte bossen en heuvels.  Daar bevindt zich het ‘Parc naturel Régional des Ballons des Vosges’, een ideaal wandelgebied.  De Vogezen hebben een buitengewone rijke fauna en flora, ze staan bekend om hun everzwijnen, herten, gemzen, reeën, vossen, dassen, de zwarte en de rode eekhoorn, enz.  Ook de lynx heeft men onlangs opnieuw in zijn natuurlijke uitgezet in zijn natuurlijke omgeving, waar hij jaren geleden verdween.  Op het veld groeien wilde rozen in overvloed, maagdenpalmen, orchideeën en de wilde narcis.  Laurierstruiken, kamperfoelie, varens en heidekruid maken eveneens deel uit van het landschap.  Afhankelijk van de bodemsoort vindt men braamstruiken, frambozenstruiken en bosbessen.  Het plukken van bosbessen behoort tot de traditie en men vindt ze ook vaak terug in de plaatselijke keuken. 

Vogezen

Gérardmer, gelegen aan een prachtig meer wordt wel eens de parel van de Vogezen genoemd.  Hier kunt u alle takken van de watersport beoefenen of rondwandelen in de gezellige winkelstraatjes.  De stad telt zo’n 9500 inwoners, is omgeven door bergen en ligt aan de rand van een meer omgeven door dennenbomen.  Het meer ligt op een hoogte van 660 meter en is ca 90ha groot. 

Herschaalde kopie van Gerardmer

In Le Toly treft u enkele prachtige ‘cascade’ watervallen aan, een mooie is de ‘Grande cascade de Tendon’, een waterval van 32 meterhoog in een bosrijke omgeving. 

 Vogezen1

In Lorraine ben je na zo'n 4 à 5 uur rijden en het heeft zowel voor de actieve toerist als de natuurliefhebber veel te bieden.

08:55 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

09-01-07

Tsjechië

Tsjechië, een land dat niet te ver weg ligt, nog geen massatoerisme kent en goedkoper is dan de meeste andere Europese landen.

In Oost Bohemen vindt men veel kastelen, kloosters, historische steden en indrukwekkende monumenten.  De diverse bouwstijlen van allerlei periodes typeren deze streek.  Een zeer romantisch kasteel vindt u in Hràdek u Nechanic, de oorspronkelijke koninklijke burcht ligt in Kunětickà Hora ofwel Ratibořice.  Een onwisbare indruk maakt de burcht van Svojanov uit de tweede helft van de 13de eeuw opgetrokken uit de toenmalige grens tussen het Koninkrijk Bohemen en het markgraafschap Moravië.Een belangrijke historische stad is ook Polička met de 1220m lange middeleeuwse stadsmuur.  Het Benedictijns klooster in Broumov mag zich één van de mooiste kloosters in Tsjechië noemen.

Hràdek u Nechanic

Maar de uitgestrekte vlaktes, de heuvelachtige landschappen en de bergachtige gebieden laten de meest actieve toerist toe hier te wandelen, fietsen, zwemmen, bergbeklimmen en in de winter te skiën.

De West Bohemen bezit prachtige naaldbossen en meren en is een prachtig natuurgebied.  In West Bohemen zijn ook veel kuurplaatsen en goed gemarkeerde wandelpaden langs diverse bronnen in de bossen.  Karlovy Vary is het grootste kuuroord van het land.  Kasteel Loket is gelegen ten Zuidwesten van Karlovy Vary en dateert uit de 13de eeuw.  Dit kasteel is hoog op een rots gebouwd en wordt omspoeld door de rivier Ohre.  En onder bierliefhebbers is het stadje Pilzen uiteraard bekend.

Karlovy Vary

Zuid Bohemen is vooral een bestemming voor natuur- en waterliefhebbers, het telt ongeveer 5000 meertjes.  Het grootste ‘oerwoud’ van het land ‘Boubin’ is zeer indrukwekkend.  Het natuurgebied ‘Sumava’ is zeer gevarieerd en bestaat afwisselend uit een ruig landschap met bossen, velden, rivieren, meertjes, heuvels en bergen.

sumava_01

Zuid Bohemen heeft een bijzondere schat aan stedelijke monumenten.  De parel wordt gevormd door Cesky Krumlov een middeleeuws stadje aan de Moldau.  Na Praag trekt dit stadje de meeste toeristen.  Het bijzondere aan deze stad is dat ze dankzij de kromme straatjes zijn eeuwenoude gezicht heeft weten te bewaren.

Herschaalde kopie van Cesky Krumlov

Het oude centrum van de stad Tabor valt geheel onder monumentenzorg en heeft het karakter van de Hussitische vesting behouden met de stadmuren, het kasteel en de kromme stratjes.

In het Oostelijke deel van Noord Bohemen ligt het beschermde Jizerkegebergte met aan de voet traditionele glasblazerijen en bijouterieproductie.  In de stad Litomerice, ook wel de ‘Tuin van Bohemen’ genoemd worden jaarlijks landbouwtentoonstellingen gehouden.  Het centrum van dit stadje valt geheel onder monumentenzorg, er zijn een groot aantal historische huizen te zien. 

Moravië is een uitgestrekt bosrijk gebied ten oosten van Praag.  Het is er ideaal voor sporters, natuur- en cultuurliefhebbers.  Het Jesenikengebergte is gelegen ten oosten van heet Adelaarsgebergte in het noorden van Moravië-Silezië tegen de Poolse grens.  Het is een zeer aantrekkelijke streek met rondvormige heuvelruggen, diep ingesneden dalen, snelle bergstroompjes en talrijke rotsen.  De hoogste berg van het Jesenikengebergte en van heel Moravië is de Praded (1492m).  Onder Praded bevindt zich ook de bron van de rivier Opava.  Zuid Moravië is een romantische streek met afwisselend landschap, schilderachtige vakantieplaatsjes, kastelen en burchten.  De historische stad Brno, de betoverende stad Kromeriz, de kastelen Mikulov, Valtice, Vranov en Lednice zijn zeker een bezoekje waard.  Liefhebbers van het wilde westen kunnen naar het western-stadje in Boskovice gaan.  Ten noorden van Brno ligt een schitterend natuurgebied met 400 grotere en kleinere grotten, talrijke druipsteenformaties en ondergrondse riviertjes.

Moravië

Centraal Bohemen heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan de opbloei van het hele land.  Een vakantie in Tsjechië zonder een bezoek te brengen aan Praag zou zonde zijn.  Op het oude stadsplein staat het standbeeld van Jan Hus, hij was priester en professor en als biechtvader was hij ook verbonden aan het Koninklijk Hof.  Omdat hij het katholieke gezag durfde aan te vallen voor hun geldzucht werd hij ter dood veroordeeld en stierf hij in 1415 op de brandstapel.  Op hetzelfde plein staat ook het oude raadhuis, vooral het astrologische uurwerk is bijzonder.  Op het hele uur kan je een defilé zien van apostelen (alleen overdag). 

De klok

Aan de andere kant van het plein staat de Tynkerk.  Deze typische Boheemse kerk was afgewerkt in de 16de eeuw maar werd volledig door een brand verwoest in 1679.  De belangrijkste reden om deze kerk te bezoeken zijn de mooie altaarstukken van Karl Skréta en de graftombe van de vermaarde astronoom Tycho Brahe. 

Het oude stadsplein is het duurste van de stad, hier hebben zowat alle belangrijke figuren gewoond in de prachtige huizen rond het plein.  Nu zijn er winkels of restaurants in gevestigd.

Het Wenceslaplein is het meest levendige plein van de stad, zowel overdag als ’s nachts. 

Praag heeft ook een belangrijke Joodse gemeenschap gehad, alle bezienswaardigheden zijn gelegen in de Joodse wijk Josefov ten noorden van het oude stadsplein. 

De Praagse burcht is een complex van paleizen en kerken waar de koningen hun residentie hadden.  Elk van de Boheemse vorsten heeft wel een aanpassing laten gebeuren zodat het een allegaartje is aan bouwstijlen.  Nu heeft de president hier zijn verblijfplaats. 

Praag

De Karelsbrug werd gebouwd in opdracht van koning Karel de IV (14de eeuw).  Hij heeft Praag op de kaart geplaatst en heeft de stad architecturaal sterk gewijzigd.  Deze brug over de Moldau was en is nog steeds de belangrijkste verbinding tussen de stad en de regereingszetel.  Nu is deze brug autovrij en het toeristische hart van de stad waar je allerlei kunstenaars aan het werk kan zien.

De meeste mensen die niet te ver weg op vakantie gaan kiezen meestal voor landen als Frankrijk, Italië of Spanje, maar de voormalige oostbloklanden hebben ook heel wat moois te bieden.

 

 

15:37 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

Périgord

De Périgord is een streek in Frankrijk, ook bekend als de Dordogne.  De geschiedenis van de Dordogne gaat ver terug, tot in de prehistorie.  Er zijn nog veel grotten met prehistorische rotstekeningen, vooral in Vallée de Vézère en de omgeving van Les Eyzies de Tayak, zoals onder andere de grot van Lascaux.

Daarna kwamen de Galliërs en de Romeinen naar de streek van 59 v.C. tot 284 n.C., en van 486 n.C. tot de 10de eeuw de Merovingers en de Karolingers. 

Vanaf de 11de eeuw tot de 15de eeuw waren er oorlogen tussen Frankrijk en Engeland. 

Vanaf 1540 tot 1699 waren er diverse godsdienstoorlogen, begin 13de de kruistocht tegen de Katharen.

Dordognemap

Périgord Blanc verwijst naar de kalkstenen grondlagen.  Het is een deel van de Dordogne in de provincië Périgord, de hoofdstad is Périgueux.  Belvès is een middeleeuws plaatsje met maar liefst 7 klokketorens, gebouwd op een reusachtige uitloper die uitsteekt boven de vallei van nauze, aan de rand van het bosachtige massief van de Bessède.  Op de Place des Armes wordt er elke zondag markt gehouden onder een overkapping met 23 zuilen.  Deze overkapping is 500 jaar oud en men ziet er nog steeds de ketting van de schandpaal waar veroordeelden vroeger werden opgehangen. 

Belvès

Sinds de oudheid heeft Hautefort krijgsmannen aangetrokken.  Het oude fort stamt uit het begin van de middeleeuwen.  Eén van de bijzonderheden van de bijzonderheden van Hautefort is dat het altijd dichters, kunstenaars en auteurs heeft aangetrokken. 

Périgord Noir verwijst naar de donkere eikenbossen en is het bekendste deel van de Dordogne van de regio Aquitanië.  Door de vele prehistorische rotstekeningen trekt het veel toeristen.  De bekendste is Lascaux.  In de Grotte de Rouffignac gaat men met een treintje door.  Er zijn ook druipsteengrotten zoals Grotte du Grand Roc bij Les Eyzies de Tayak.  Verder zijn er nog diverse kastelen en abriwoningen. Le Bugue is tegenwoordig een toeristisch stadje geworden met talrijke bezienswaardigheden: het dorp Village du bounat, het aquarium van de zwarte Périgord, de Gouffre van Proumeyssac, de beddingen van Ferrassie, de grot Bara-Bahau, de tuinen van Arborie, het museum der paleantologie, het ‘Huis van het leven in de wildernis’, het park Jacquou en de wilde zwijnen van Mortemart.  Le Bugue ligt op slechts 10 km van de wereld hoofdstad van de prehistorie, Les Eyzies de Tayak. 

Le Bugue

De geschiedenis van Montignac is gekoppeld aan die van de mensheid, is sinds het stenen tijdperk bewoond en werd gekoloniseerd door de Romeinen.  De stad beschikt over een ringmuur waarin 3 poorten te zien zijn.  Eén daarvan kwam uit op een houten veerpont die over de Vézère voer.  Het leuke stadje bestaat uit 2 kernen: de linker en rechter zijde van de Vézère.  De rechterzijde is het feudale centrum met kleine, smalle middeleeuwse straatjes waar nog huizen op heipalen, vakwerkhuizen, wasplekken en fonteinen te zien zijn.  De linkerzijde met haar kloosters doet ons eraan herinneren dat Montignac een belangrijjke handelsstad was.  Sarlat is een sprookjesachtig middeleeuws stadje dat in het bijzonder opvalt door haar oude daken. 

Montignac

Brantôme is een heel mooi stadje aan de Dronne waar zich 3 kastelen bevinden: Richemont, Hierce en Bordeilles.  Langs de rivieren zijn gezellige winkeltjes en terrasjes.  Aubeterre is een schilderachtig dorpje aan de Dronne met smalle straatjes en een ondergrondse kerk.  Riberac is een grote stad aan de Dronne beroemd vanwege zijn doordeweekse markt.  Er zijn winkeltjes en terrasjes en regelmatig festivals.

Périgord pourpre wijst op de druivenstreek waar de bladeren in de herfst paars kleuren en de Périgord vert verwijst naar de groene omgeving door de relatief hoge neerslag.

Behalve prehistorische en natuurlijke grotten, kastelen en landhuizen is de Périgord een waar genoegen voor de fijnproevers: truffels, crèpes, ganzelever, gekonfijte produkten, paté en fijne vleeswaren.  Hiervoor alleen al is het aanbevolen een bezoekje te brengen aan de markt van Sarlat. 

De Périgord biedt dan ook de ideale vakantie aan mensen die geïnteresseerd zijn in geschiedenis en cultuur, maar ook aan natuurliefhebbers en fijnproevers

 

10:05 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

06-01-07

Toscane

Florence, de hoofdstad van Toscane ligt schilderachtig geborgen in het dal van de rivier Arno.  Die stoomt onder prachtige bruggen en langs schitterende oude huizen.  De stad is wereldberoemd omwille van haar uitzonderlijke rijkdom aan monumenten en kunstwerken en staat bekend als één van de mooiste steden ter wereld.  De dom vormt het middelpunt van Florence.  Een bezoek aan deze stad vol kunst en cultuur vormt een onvergetelijke ervaring. 
Florence

Een typisch middeleeuwse sfeer, één van de mooiste middeleeuwse pleinen ter wereld en de stad van de gotiek zijn de kenmerken van het sfeervolle Sienna.  De plaats is gebouwd op 3 heuvels en was vooral in de Middeleeuwen een belangrijke stad. 

Siena is zonder meer één van de mooiste steden van Toscane.  In het middeleeuwse centrum zijn prachtige gotische gebouwen zoals de ‘Palazzo Publico’ op het grote centrale plein, de ‘Piazza del Campo’ en andere bezienswaardigheden aanwezig.

Een van de mooiste middeleeuwse plaatsen uit Toscane is de San Gimignano met zijn 14 torens.  Een middeleeuwse ommuurde stad gebouwd op een heuvel die de Elsa Vallei domineert met zijn torens.  De torens zijn het symbool van macht en welvaart van de meest vooraanstaande families van de stad.  Ooit waren er 72 torens. 

San Grimignano

De stad Pisa ligt 4 meter boven zeeniveau aan de oevers van de rivier Arno.  De stad ligt in een zeer vruchtbaar gebied zo’n 10 kilometer van de Tyrheense zee.  In de Romeinse tijd was de stad zeer belangrijk, ze had een grote vloot waarmee ze veel indruk maakte op andere steden en landen.  In de 12de eeuw werd de stad een republiek nadat ze had meegedaan aan de eerste kruistocht.  Nadien breidde ze haar macht uit, De Toscaanse kust en Sardinië werden ingenomen en onder bewind gesteld van de stad Pisa.  In deze periode begon de stad te groeien en werd er veel geld verdiend.  In die periode werd er ook veel geïnvesteerd in kunstwerken en schilderijen, wat tot op de dag van vandaag nog te zien is.

In de 13de eeuw kreeg Pisa het zwaar te verduren.  Andere Toscaanse steden zoals Florence, Lucca en Genua wilden Pisa graag inlijven.  Dit leidde uiteindelijk tot de veldslag bij Meloria.  Pisa werd verslagen en raakte een heel deel van haar macht kwijt.  Na een periode van dominantie door de Signorie werd de stad in 1406 verslagen door Florence. 

Pisa geniet mondiale bekendheid omwille van zijn scheve toren.

Pisa

Volterra is een stad die reeds in de 8ste eeuw door de Etrusken werd bewoond.  Uit het Etruskische en Romeinse verleden is er veel bewaard gebleven.  Voltarre staat al eeuwenlang bekend om zijn albasten kunstvoorwerpen.  De belangrijkste bezienswaardigheden zijn het Piazza dei Priori, de Pallazo dei Priori, de 13de eeuwse Pisaanse dom, het renaissance kasteel en de stadsmuur met diverse poorten, zoals de Etruskische Porta all’Acre. 

Verscholen achter imposante renaissance muren, is Lucca de basis van waaruit u ‘Gartagnana’ en ‘Apuane Alps’ kunt bewonderen.  Gesticht door de Etrusken, werd Lucca een Romeinse kolonie in 180 v.C. en een vrije stad tijdens de 12de eeuw en dankte zijn welvaart aan de handel in zijde.

Toscaans landschap

Voor wie een combinatie tussen cultuur en natuur zoekt is Toscane een ideale vakantiebestemming.  De mooie steden en de prachtige natuur bieden ontspanning voor zowel cultuurliefhebbers en wandelaars. 

10:52 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vakantie |  Facebook |

04-01-07

Durbuy

Durbuy is het kleinste stadje van België.  Het gezellige centrum met zijn smalle straatjes ligt rond een centraal plein en is omgeven door de ruwe natuur.  De Belvédère of het uitzichtspunt kan je bereiken via een steile weg vanuit te centrum, maar wie de klim niet wil doen kan met het toeristische treintje gaan.  Het panorama loont de moeite, je kijkt daarboven als het ware over de stad heen.

durbuy1

In het Parc des Topiaires staan op een oppervlakte van 10.000m2 niet minder dan 250 figuren uit buxus gesneden: een olifant, manneke pis, herten, krokodillen,…

Vanuit Durbuy kan je heel wat sporten beoefenen zoals mountainbiken, kayakken, avontuurlijke tochten en eenvoudige wandelingen.

In het kasteel La Petite Somme uit de 19de eeuw woont nu de Hare-Krisnabeweging.  Er zijn dagelijks rondleidingen in het Nederlands voorzien die je informatie geven over hun denk- en leefwereld.  Hun vegetarisch restaurant is behalve op maandag open voor publiek.

Herschaalde kopie van Kasteel van Durbuy

Een dagje Durbuy is zeker een aanrader, vooral wanneer het mooi weer is.

02:24 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

Monschau

Voor wie er eens een dagje of een weekendje op uit wil is Monschau zeker een aanrader.  Het stadje in de Eifel met zijn typisch middeleeuwse woonkern is zeker een bezoekje waard.  De smalle straatjes en schilderachtige vakwerkhuizen zorgen ervoor dat het stadje veel toeristen trekt, het hele jaar door, maar Monschau is ook bekend omwille van zijn kerstmarkt.

Herschaalde kopie van Afbeelding 002

Monschau is ontstaan in 1205 toen in de buurt een nonnenklooster werd opgerichtt.  Om dit klooster te beschermen werd in 1217 een burcht gebouwd.  Hier rond rees een dorpje uit de grond dat in 1366 een stad werd.  De textielindustrie maakte dankbaar gebruik van het schone water van de Laufenbach en de Rur.  Zo kwam een zekere Scheibler in de 18de eeuw naar Monschau en bracht nieuwe technieken aan voor een betere textielproductie.  Monschau werd de textielstad en had klanten over de hele wereld.

Met het fortuin dat Scheibel hiermee verdiende heeft hij het Rote Haus gebouwd.  Hierin is nu het Scheiblermuseum gevestigd. 

roteshaus

Naast het Rode Haus heb je een protestantse kerk uit 1787.  De protestanten werden in de 18de eeuw uit Aken verdreven en velen zijn naar Monschau gevlucht.  Pas in 1787 kregen ze de toestemming om een protestantse kerk te bouwen.

De burcht is onopvallend wanneer je in het centrum wandelt.  Ondertussen is er een jeugdherberg in ondergebracht.  Elk jaar wordt er op het binnenhof ‘Monschua klassik’ georganiseerd, het orkest en de kunstenaars toveren de burcht dan om in een waar Mekka voor operaliefhebbers.

Herschaalde kopie van Afbeelding 005

Monschau is geen plaats om je vakantie door te brengen, maar een weekendje is al gauw om wanneer je door de schilderachtige straatjes kuiert.  Verder is er een echte (nog werkende) mosterdmolen en een glasblazerij te bezoeken.  Wie graag wandelt kan een kijkje gaan nemen aan het stuwmeer Perlenbach dat omringd is door mooie wandelroutes. 

02:18 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: dag- en weekendtrips |  Facebook |

03-01-07

De Provence

Niemand zal ontkennen dat de Provence één van de mooiste streken in Europa is.  De zon,  de blauwe lucht, de fleurige huisjes en de geur van tijm en lavendel zorgen voor de ideale vakantiestemming.  Met meer dan 300 dagen zonneschijn is de Provence één van de zonnigste streken in Frankrijk. 

lavendel8

De Provence beslaat 5 departementen: Bouches du Rhone, Vaucluse, Var, Alpes Maritimes  Alpes de Hautes Provence.

De vroegste bewoners van de Provence waren Ligurische stammen die er leefden van 2500 tot 300 v.C..  In de grotten van Càles en les Baux vindt men er nog sporen van terug. 

Rond 600 v.C. stichtten de Grieken de stad Massalia.  Ketische stammen vallen 200 jaar later het gebied binnen.  De Grieken roepen de hulp van de Romeinen in om samen de Kelten te verslaan.  Na de verovering van Marceille in 125 v.C. door de Romeinen, werd in 120 v.C. de Provence opgericht.  Het doel hiervan was om de handelsdoorgangen van Italië en Spanje en naar het noorden te beschermen.  De invloed van de Romeinen is tot op de dag van vandaag te zien, zij brachten een zeer rijke beschaving met zich mee.  Steden zoals Arles, Orange, Vaison la Romaine bezitten nog veel bouw- en kunstwerken uit die tijd.  Het zijn de best bewaarde Romeinse overblijfselen in Europa.

Na de Romeinse periode die eindigde in de 5de eeuw kent de Provence een woelige periode.  Oorlogen en plunderingen waren schering en inslag.  Een restant hiervan zijn de ‘villages perchés’.  Dit zijn dorpen die op een heuvelrug zijn gebouwd, zodat men de vijand beter zag aankomen. 

In 1309 vestigden de pausen zich in de Provence en werd de Rooms katholieke kerk vanuit het pauselijk paleis in Avignon bestuurd.  In 1480, na de dood van Graaf René wordt de Provence bij Frankrijk ingelijfd.  Ook hierna kende de streek een tijd van godsdienstoorlogen. 

In 1720 breekt er een zware pestepidemie uit.  In de 19de en 20ste eeuw trekken veel schrijvers en kunstenaars naar de Provence en de streek wordt elk jaar door steeds meer toeristen bezocht.

De natuur is er zeer verscheiden, van ruw tot romantisch.  De gorges, de Calanque’s aan de Middelandse zee, de vlakten van de Carmargue, de Mont-Ventoux getuigen van de veelzijdigheid van de Provence. 

Herschaalde kopie van Le pont dArc 1

Enkele plaatsen die je zeker bezocht moet hebben zijn: Aix-en-Provence, Arles, Avignon, Fontaine-de-Vaucluse, Fontvieille, Gordes, Les Baux-de-Provence, de Mont Ventoux, Nîmes, Orange, Pont du Gard, Saint-Rémy-de-Provence, Salon-de-Provence, en Vaison-la-Romaine.

Aix-en-Provence is zonder enige twijfel de culturele hoofdstad van de Provence, de stad wordt in twee gesneden door de ‘Cours Mirabeau’, een gezellige laan, bijna volledig overschaduwd door oude platanen.  Aan de ene kant vind je de drukbezochte café’s waaronder op nummer 53 het bekende ‘Les deux garçons’, aan deze kant ligt het oude stadsgedeelte met zijn gezellige oude straatjes en huizen.  Aan de andere kant bevinden zich voornamelijk banken en kantoren.  Dit is het nieuwe stadsgedeelte, waar vroeger de adel woonde.  Aix wordt ook wel eens de stad der fonteinen genoemd, meer dan 100 fonteinen sieren de stad, waaronder de prachtige aan het begin van de ‘Cours Mirabeau’ gelegen ‘Fontaine de la Rotonde’.

Arles is de toegangspoort tot de Camargue.  Hoewel Arles een mooi Provençaals stadje is, is het niet te vergelijken met Avignon of Aix-en-Provence.  Op het ‘Rond point des Arènes’ vind je het amfitheater, gebouwd in de eerste eeuw.  Iets verderop vind je het ‘Theatre Antique’, wat eigenlijk niet meer is dan een ruine.  Les Alyscamps, een laan van sarcofagen en graftomben is zeker een bezoek waard.

Avignon is één van de mooiste steden van de Provence.  Vooral kunstenaars  en acteurs zakken in de maand juli naar de stad af.  In de kleine straatjes en pleinen proberen kleine groepjes toneelspelers de toeristen te vermaken.  De Pont-de-Saint-Bénezet die Avignon verbond met Villeneuve-lès-Avignon is wereldberoemd geworden door het liedje ‘sur le pont’.  Van de oorspronkelijk 22 bogen tellende brug zijn er vandaag maar 4 meer over.  Het Palais des papes is 1,5 ha groot en daarmee het meest indrukwekkende gebouw van de stad.  Tegen het pauselijk paleis ligt de ‘Notre-Dames-des-Doms’.  Bovenop de kathedraal staat een reusachtig gouden Mariabeeld.

Herschaalde kopie van Avignon 2

Fontain-de-Vaucluse wordt in de zomervakantie echt overspoeld door toeristen.  De Sorgue komt er boven de grond, de bron wordt gevoed door een netwerk aan onderaardse rivieren.  In de zomer staat de bron zo goed als droog, maar in het voorjaar wordt ze gevoed door het smeltwater van hoger gelegen bergen.  Het water stroomt gewelddadig de kloof uit, het debiet kan dan oplopen tot 200000 liter water per seconde en is daarmee één van de machtigste waterbronnen ter wereld. 

Eén van de belangrijkste trekpleisters van  Fontvieille is de molen van Daudet.  Verder zijn de Romeinse ruines van Caparon en het fort van Paon zeker een bezoekje waard.

Gordes is een erg mooi, oud dorpje dat in de zomer overstelpt wordt door toeristen.  Het dorp is gebouwd tegen een helling.

Les-Baux-de-Provence is één van de drukste plaatsen van de Provence waardoor het best vermeden wordt in de zomervakantie.  Het dorp bestaat uit 2 delen: het lager gelegen deel is gerestaureerd en bezit een mooie kerk, in het hoger gelegen deel (waar je moet betalen) kan je de ruines van de citadel en de donjon gaan bezichtigen.  Het dorpje is vergeven van de souvenirwinkels.

De Mont Ventoux is een berg in het departement Vaucluse en wordt ook wel de reus van de Provence genoemd.  Het uitzicht vanop de berg is overweldigend. 

Herschaalde kopie van Vergezicht vanop de Mont Ventoux 3

In Nîmes zijn nog vele Romeinse resten te zien, zoals de Tour Magne, la maison Carré, de Arena, maar ook de Pont du Gard dat niet ver van Nîmes ligt is een bezoekje waard.

Orange wordt ook wel eens de ‘poort van de Provence’ genoemd en is één van de belangrijkste Romeinse steden van de Provence.  Vanop de Colline Saint-Etrope heb je een mooi uitzicht over de stad en het Théatre antique. 

Herschaalde kopie van Amphitheater in Orange 2

Saint-Remy-de-Provence is vooral bekend om de historische opgravingen, maar om zijn vele smalle straatjes en pleinen met fonteintjes is de rest van de stad ook een bezoekje waard.  Nostradamus en Vincent Van Gogh hebben hier gewoond.

Een publiekstrekker in Salon-de-Provence is de Fontaine Moussue op de Place Crousillat.  De fontein is volledig overgroeid met mos.  De streek rond de stad is bekend omwille van zijn olijfolie.  In La Fare wordt de beste olijfolie van Frankrijk gemaakt, de molen is toegankelijk en de olie is ter plaatse te koop.  Nostradamus verbleef de laatste jaren van zijn leven in Salon-de-Provence.

Vaison-la-Romaine wordt in twee gesneden door de rivier de Ouvèze, zo wordt de bovenstad en de benedenstad gevormd.  De rivier wordt overspannen met een meer dan 2000 jaar oude brug die de twee stadsgedeelten met elkaar verbindt.  De bovenstad wordt gedomineerd door een kasteelruine.  Je vindt er ook een vervallen kerk uit de 15de eeuw, en gezellige middeleeuwse straatjes en fonteinen.  Vaison is de grootste archeologische vindplaats van Frankrijk.  In de benedenstad zijn de Romeinse opgravingen te bezichtigen: Quartier de Puimin en Quartier de la Villasse.

De Provence is dus zeker een vakantie waard, zowel natuurliefhebbers als mensen die van cultuur houden komen er aan hun trekken.  Na een dagje rijden bevind je je in het aards paradijs van Europa en kan je genieten van de zon, de natuur, het landschap, het lekkere eten en de rijke cultuur.  Een vakantie in de Provence heeft slechts 1 nadeel: je wil niet terug naar huis!

 

00:03 Gepost door Women in Reizen | Permalink | Commentaren (2) | Tags: vakantie |  Facebook |